Wil ik iedere dag?

Vanmorgen heb ik mijn NaNoWriMo project afgerond. Dat wil zeggen: de eerste versie. Over een aantal maanden de revisie, nu eerst even wat afstand. Ik moet zeggen dat ik het heerlijk vond om dagelijks met het boek bezig te zijn. Het was een onderwerp waarover ik het hier ook wel eens gehad heb en dat me aan het hart gaat. Maar daarover morgen meer.

Vandaag wilde ik het hebben over iets anders. Ik heb in totaal 29 dagen zonder onderbreking aan het boek gewerkt. Ik bedoel daarmee natuurlijk zonder een dag over te slaan, iedere dag ongeveer een uur en dat ik is me goed bevallen. Zo goed dat ik overweeg om er een dagelijkse gewoonte van te maken. Je weet wel, dat andere onderwerp waar ik het op dit blog vaak over heb gehad en waarvan ik toch het ernstige vermoeden heb dat ik er nog een keer op terug ga komen. Maar laat ik wat dat betreft niet op de muziek vooruitlopen.

Zoals gezegd: ik heb genoten van het schrijfproces. Zo zeer zelfs dat het me niet alleen op het gebied van gewoontes aan het denken heeft gezet. Ik koos ooit voor een nieuwe richting door het pad van web developer in te slaan. Dat paste bij mijn karakter, zo bleek uit testen en uit de praktijk. Alleen blijkt mijn wiskunde iets tekort te schieten waardoor het vak in de harde werkelijkheid (te) hoog gegrepen was. Het was vooral het creatieve, het maken van websites, dat me aansprak. En dan meer specifiek het (programmeer)talige. Het (grafisch) ontwerpen van een site sprak me veel minder aan.

Tijdens mijn schrijfmaand realiseerde ik hoezeer schrijven in die zin lijkt op programmeren. Bij beide maak je iets met taal waar de ander hopelijk iets aan heeft. Dat opent voor mij het pad naar vaker schrijven, gecombineerd met het plezier dat ik eraan beleef. Dus ik ben van plan door te gaan met schrijven, niet meer in Word, maar hier op mijn blog. Na ongeveer vier weken iets doen heb je volgens Leo Babauta een gewoonte te pakken, dus die heb ik alvast in mijn tas. Laat ik die gewoonte hier voortzetten.

En als nieuwe dagelijkse gewoonte wil ik meer lezen. Ik lees weliswaar behoorlijk veel en ik heb mijn doelen voor dit jaar al gehaald, maar het is erg onregelmatig. Zo lees ik weken achtereen iedere dag, dan weer weken helemaal niet. Dat vind ik jammer want ik beleef wel heel veel plezier aan lezen; een plezier dat ik vaak niet beleef aan de gemaksvervanger die meestal dienst heeft, namelijk de televisie, of YouTube. Dan pak ik liever wat regelmatiger een boek. Ik ben gisteren al begonnen. Hopelijk houd ik het nu wat langer vol. Aan het aantal interessante boeken die op me wachten, zal het zeker niet liggen.

~~~

Afbeelding van Pexels via Pixabay

#NaNoWriMo halverwege

Ooit schreef ik Misschien heb ik het halve boek al wel geschreven. Dat heb ik nu daadwerkelijk omdat ik met NaNoWriMo meedoe om in november een boek te schrijven. Een ‘novel’ is eigenlijk de bedoeling maar ik ben bang dat ik voor een roman niet voldoende fantasie heb.

En eigenlijk wil ik er ook helemaal geen schrijven. Waar ik al een paar jaar over nadacht was een manier te vinden om alles wat ik geleerd heb over mijn bipolaire stoornis bijeen te brengen. Voor mezelf. En wie weet kan ik anderen daar dan vervolgens ook mee helpen. Een beetje dromen moet kunnen.

Maar mocht het ooit zover komen, dan moet eerst dat boek af. Ik ben nu halverwege – want half november – en het gaat ontzettend lekker. Ik merk dat ik heel veel plezier aan het schrijven beleef en dat ik er zelf ook van leer. Het lukt me ook zonder mankeren om iedere dag te gaan zitten om te schrijven, iets wat me voor mijn blog moeilijker valt.

Ik schrijf uit mijn eigen ervaring en heb niet de intentie de volledige 50.000 woorden van #NaNoWriMo te halen. Ik schrijf het dan wel voor mezelf maar als ik er ooit anderen mee kan helpen dan graag, Daarvoor leek het mij nuttig om kort en bondig maar wel actiegericht te schrijven, dus een omvang van de ‘In 60 minuten’ -serie of de ‘kleine boekjes – grote inzichten‘ serie waarin onder andere ‘De Kleine Allen‘ in is verschenen. De serie vat bekende managementboeken samen in zo’n 15.000 woorden (volgens Kobo.com dan)

Ik zit mooi op schema en heb nog voldoende onderwerpen om de maand mee vol te maken. Al bedacht ik onderweg dat ik mijn hoofdstukjes graag af wil sluiten met kleine doe-opdrachten, dus daar moet ik ook tijd voor vrij maken.

Wat er gebeurt als ik het af heb? Het gaat om een medisch onderwerp, dus ik zal het nog minimaal een specialist moeten laten lezen. Want qua gezondheid wil ik als ervaringsdeskundige geen onzin beweren. Daar is ieders gezondheid mij te belangrijk voor.

Voorlopig dus eerst nog een paar weken lekker schrijven en dan zien we daarna wel weer verder. Dat ik opnieuw merk hoeveel plezier ik aan schrijven beleef is ook al grote winst. Dat wil ik er graag in houden want ik heb het creatieve gevoel meer gemist dan ik me gerealiseerd had.

~~~

Afbeelding van Clker-Free-Vector-Images via Pixabay

Van top tot teen

Het is weer even rustiger op dit blog maar dat wil zeker niet zeggen dat ik stil zit. Druk op het werk, druk aan het schrijven voor mijn nog steeds titelloze NaNoWriMo project. Daarover morgen meer. Vandaag een update over mijn schoenen, het looponderzoek en over mijn nieuwe hoorapparaten.

Een paar weken voor mijn ongelukkige valpartij had ik nieuwe schoenen besteld bij mijn orthopedische schoenmaker. Ik had gevraagd om schoenen met meer vering en op voorstel van de schoenmaker heeft hij er ook nog afgeronde hakken onder gezet zodat het afwikkelen gemakkelijker gaat. Door het hele coronagebeuren heb ik ze nog niet uitgebreid kunnen testen maar ik heb ze al wel een dag aangehad naar mijn werk en dat ging prima. Het loopt iets soepeler en het lopen gaat iets natuurlijk.

Deze schoenen houd ik voorlopig voor net en mijn vorige paar is nu gepromoveerd tot wandelschoenen. De vering van het nieuwe paar zit vooral in de schoenzool, dus misschien is het een idee om de zolen een keer te vervangen door het type van mijn nieuwe zolen.

Uitslag looponderzoek

Dat hangt onder andere af van de uitslag van het uitgebreide looponderzoek dat ik een paar weken geleden had. De beelden en de rapportages zijn inmiddels bestudeerd en ik heb dinsdag een afspraak met mijn revalidatiearts om te bespreken wat eruit is gekomen. Daar ben ik heel benieuwd naar want ik ben me er natuurlijk wel van bewust dat ik vaker val dan gebruikelijk is en ook zeker vaker bijna val. Nu zal ook wel meespelen dat ik geen diepte zie en ik daardoor oneffenheden onderweg minder makkelijk opmerk, maar ik denk dat het vooral zit in mijn onwillige rechterbeen.

Het onderzoek was grondig en ik begreep tijdens het onderzoek al dat er hier en daar ruimte voor verbetering inzat dus ik ben heel nieuwsgierig wat ik dinsdag te horen krijg. Het zal wel iets met botox en/of een veer/beugel in de schoen worden maar laat ik niet op de zaken vooruitlopen.

Keus nieuwe hoorapparaten gemaakt

Ondertussen ben ik ook bij het audiologisch centrum geweest en die hebben mijn keuze voor de toestellen die zij hadden voorgeschreven bevestigd. Ik had namelijk van de audicien een gelijkwaardig alternatief gekregen maar met de toestellen van de audioloog hoorde ik net iets beter en prettig, hoewel het verschil klein was. Maar de keuze is toch gemaakt. Ik heb nu een categorie 5 toestel, terwijl mijn oude toestellen categorie 4 waren. En dat verschil heb ik gemerkt. Ik kan nu zelfs goed verstaan in het rumoer op mijn werk.

De audioloog deed een kleine test die mijn vermoeden bevestigde. Van de zomer verstond ik met mijn oude categorie 4 toestellen 90% van de woordjes op normaal spraakvolume terwijl dat met mijn nieuwe categorie 5 toestellen 100% was.

Nu moet ik alleen alles nog orde maken bij de audicien en nog een keer naar mijn linker oorstukje laten kijken, want dat is nog niet goed. Ik heb over een week een afspraak. Nu doe ik het al een paar dagen met één toestel, nu ik toch niet weg hoef maar ik heb het idee dat de wondjes in mijn oor aardig genezen en dat ik morgen allebei de toestellen weer in doe, links met het oude oorstukje.

~~~

Afbeelding van Arek Socha via Pixabay

Nog titelloos #NaNoWriMo project

Afgelopen zomer deed ik een keer een beroepskeuzetest. Niet dat ik toen of nu grootse plannen heb op dat gebied maar ik wilde weten of mijn keuzes van de afgelopen jaren bevestigd zouden worden. Het kwam nog steeds in de buurt, zo bleek. Toch zat er ook een kleine verrassing in het vat. Desktoppublisher wekte niet heel verbazing – al vrees ik dat het nog de nodige studie zou vergen als ik er wel mee verder wilde. Het was het alternatief dat me meer aanstond. Auteur, en nog een paar dingen die ik alweer vergeten ben.

Auteur. Daar kon ik wel iets mee, ook al werd er in de toelichting op de voor mij passende beroepen wel gewaarschuwd dat die banen veel studie zouden vergen en/of minder makkelijk geld opbrachten. Maar ja, ik had de test dan ook meer voor de lol gedaan dan voor het echie, dus wat maakte dat nu uit.

Van vertaler naar auteur is niet zo’n grote stap. Denk aan Jan Siebelink die als docent Frans ook romans uit het Frans vertaalde en later een niet onverdienstelijke schrijver werd. Het kan dus wel. Toch zag ik mijzelf niet als romancier of schrijver van thrillers, hoezeer ik ook van beide kan genieten. Nee, ik zie mezelf dan eerder als schrijver van non-fictie, net als op dit blog.

Het onderwerp vinden was niet moeilijk

Dat wist ik namelijk eigenlijk meteen: mijn bipolaire stoornis. Hoe vaak heb ik niet gelezen dat de beste manier om iets te leren over een onderwerp is door het aan een ander uit te leggen? Dus ik kon me allicht een klein publiek voorstellen en hen uitleggen hoe dat voor mij nu werkt, zo’n manie. En al doende dat alles opschrijven want dat je van dingen opschrijven wijzer wordt, heeft dit blog mij wel geleerd.

Ik begon heel simpel: elke dag een alinea over een aspect van mijn bipolaire stoornis waar ik in het verleden mee heb geworsteld. Een korte samenvatting per deelonderwerp, met als doel de gesprekken in de behandelkamer gerichter te maken. Dat laatste is wel gelukt maar dat kwam niet noodzakelijkerwijs door wat ik opschreef, al hielp het feit dat ik schreef misschien wel. Na een week of twee, drie vond ik dat ik voldoende geschreven had. Het voelde therapeutisch.

En toen werd het eind oktober…

…en zag op Twitter en in blogs #NaNoWriMo weer voorbijkomen en ik dacht: what heck, ik heb de samenvatting al, waarom zou ik die niet uitwerken tot een boek? Voor mezelf en wie weet ooit. Ooitdromen mag even, maar eerst dat boek. Waarom eigenlijk?

Ik heb gemerkt dat mijn bipolaire stoornis zich soms als een soort sluipmoordenaar gedraagt. Zomer 2018 wist ik dat-ie kwam, en kon ik hem de baas, maar voorjaar 2019 was ik ziende blind en heeft het me een maand of vier gekost om er weer bovenop te komen. En daarna nog eens twee maanden afvlakking niet aan zien komen…

Kortom, ik zal altijd alert moeten blijven, vroegtijdig moeten signaleren. En ik denk dat (beknopt) alles opschrijven over het onderwerp mij kan helpen. Het geeft me hopelijk een helder beeld; houdt me scherp, kan de samenwerking met mijn behandelaar nog beter maken; en geeft zicht op de rol van naasten.

Voldoende reden dus om de schrijfspieren eens flink te gebruiken.

~~~

Afbeelding van Daria Głodowska via Pixabay

Gewoontes: slotwoord en weer aan de slag

Deze blogpost is deel 20 van 20 in de reeks Gewoontes

Na het artikel hoe je van je van de gewoonte af kunt komen om zo vaak naar je telefoonscherm te kijken van gisteren, is deze serie eigenlijk wel beëindigd. Ik heb eruit gehaald waarnaar ik op zoek was, namelijk een verklaring waarom het aanleren van gewoontes me te toch moeizamer afgaat dan in de boeken beschreven staat. Het heeft iets met stress te maken en ik ben ermee aan de slag. En het gaat nu voor korte periodes al een stuk beter. Nu nog voor slechte gewoontes, maar het einde van deze serie lijkt me een mooie gelegenheid om weer eens een poging te wagen een aantal slechte gewoontes af te leren. Eén voor één dan.

Verder heb ik net nog een kleine aanpassing gemaakt in het deel dat ging over het boek van Duhigg. Een gewoonte bestaat volgens hem uit de volgende vier onderdelen (cue, routine, reward en belief). Oftewel aansporing, routine, beloning en geloof. Alleen die vertaling van cue als cansporing zat me nog niet helemaal lekker. Ik had al eens gedacht aan signaal en toen ik gisteren via de Online bibliotheek zag dat vertaalster Patty Adelaar dat in Macht der gewoonte ook had gebruikt, heb ik dat in deze serie ook aangepast.

De afgelopen week heb ik Zen habits – mastering the art of change van Leo Babauta waar het voor mij bijna 5,5 jaar geleden mee begon (zie Achtergrond hieronder. Dat was aanleiding tot nieuwe blogposts. Weliswaar hebben Peter en ik het boek samen niet volledig behandeld, maar ik heb het idee dat dat wel afdoende aan de orde is gekomen in deze serie. Het ging bijvoorbeeld over stress.

Tot slot heb ik natuurlijk nog lang niet alles gelezen wat er over gewoontevorming te lezen valt. Zo kon ik natuurlijk de afgelopen maanden niet om Atomic habits van James Clear heen. Maar ik had eigenlijk al gevonden wat ik zocht, dus ik heb het boek niet gelezen. Wel kan ik voor geïnteresseerden verwijzen naar deze Engelstalige samenvatting van het boek door Arthur Worsley van The Art of Living. Hij is nogal enthousiast.

Inmiddels ben ik ook begonnen aan het project waar ik deze maand mijn kennis van het aanleren van gewoontes bij kan gebruiken: het schrijven van mijn #NaNoWriMo boek. Al wordt dat dan geen roman maar een zelfhulpboek. Morgen meer daarover.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg en Good habits, bad habits van Wendy Wood.

~~~

Afbeelding van My pictures are CC0. When doing composings: via Pixabay

Een slechte gewoonte afleren volgens Good habits, bad habits van Wendy Wood

Deze blogpost is deel 19 van 20 in de reeks Gewoontes

Het voordeel van zowel The power of habit van Charles Duhigg als van Good habits, bad habits van Wendy Wood is dat beide boeken eindigen met een positieve noot. Het hoeft helemaal niet moeilijk te zijn om een slechte gewoonte af te leren. Dat in tegenstelling tot Zen habits – mastering the art of change waarin Leo Babauta vooral bezweert niet te beginnen met het afleren van een slechte gewoonte. Hij gaat daarin zelfs zo ver dat hij aangekomen bij het hoofdstuk over slechte gewoontes afleren nog zegt dat je het toepassen van wat hij in dat hoofdstuk schrijft nog maar even moet wachten.

Duhigg en Wood doen allebei minder moeilijk en hun appendices laten het er doodeenvoudig uitzien, dat afleren van een slechte gewoonte. Laten we kijken hoe dat volgens Wood bij het afleren zo vaak op je telefoon te kijken.

In vijf stappen van je slechte gewoonte af*

  1. Word je bewust van je slechte gewoonte anders kun je er simpelweg niet aan werken. Vergeet niet dat je je van veel gewoontes niet of nauwelijks bewust bent omdat je ze op de automatische piloot uitvoert.
  2. Controleer de omgevingssignalen: laat je telefoon liggen als je het huis uitgaat, (iets meer dan) twintig jaar geleden was het nog heel gewoon om zonder telefoon van huis te gaan; verwijder notificaties.
  3. Maak de gewoonte moeilijker: stop je telefoon achter een dichte rits, verwijder apps.
  4. Stapel er een goede gewoonte bovenop. Iedere keer dat je je telefoon checkt, bel je een bekende.
  5. Maak andere acties gemakkelijker. Zorg voor een beter alternatief. Tijd doden: lees een boek.

Pas je deze vijf stappen consistent toe, dan geef je herhaling een kans en kan een alternatief voor/ombuiging van de slechte gewoonte automatisch gedrag worden.

*De vijf stappen zijn door mij geconstrueerd; ze staan wel in de appendix maar worden door Wood niet gepresenteerd als in vijf stappen van je slechte gewoonte af.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg en Good habits, bad habits van Wendy Wood.

~~~

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay

Groots denken? Klein beginnen

De laatste weken merk ik dat ik meer wil met mijn blog. Misschien komt het ook door mijn voornemen mee te doen aan nanowrimo, maar het gevoel is er onmiskenbaar. Dat nanowrimo project wordt geen roman, dat ‘novel’ in National Novel Writing Month‘ laat ik maar even zitten, net als het streven om in een maand 50.000 woorden te schrijven. Ik denk eerder aan non-fictie en klein en compact maar daarover maandag meer wanneer ik daadwerkelijk ben begonnen en er mijn eerste twee schrijfdagen op heb zitten.

Door dit project krijg ik flashbacks naar de start van dit blog. Positieve herinneringen zijn het, maar zo groot als ik toen dacht – mede door die beperking die nu onderwerp zal zijn van mijn boek in wording – zo klein wil ik het nu houden. Ik schrijf voor mezelf; ik probeer dingen helder te krijgen, voor mezelf. Dat is het eerste doel, dat ik er mezelf mee help. Want luidt het gezegde niet dat wie zichzelf niet helpt, een ander ook niet kan helpen?

Toch moet ik toegeven dat ik wel droom: wanneer ik mezelf geholpen heb – ervan uitgaande dat dat lukt, dan kan ik misschien ook een ander helpen. Nu loop ik alleen ver voor de muziek uit. Eerst maar aan slag, morgen alle aantekeningen nog eens doornemen en dan zondag echt beginnen. Ik weet al wat ik dan wil schrijven. Meteen maar het belangrijkste, dan hebben we dat gehad, ook al omdat de rest van het verhaal daaruit volgt.

En, oh ja, ik moet stelling nemen, las ik bij Kitty Kilian. Per hoofdstuk. Dat vind ik een behoorlijke uitdaging want meestal kabbelt het hier vrij rustig voort. Voor dat boek is het wel handig als ik behalve mezelf uiteindelijk ook anderen overtuig. Ik zal immers mensen die ik misschien kan helpen, eert zover moeten zien te krijgen dat ze het eerst lezen. Loop ik alweer voor de muziek uit.

~~~

Afbeelding van Ri Butov via Pixabay

Looponderzoek

linkerschoen

Toen ik vijf weken geleden onderweg naar mijn werk viel omdat ik met mijn rechtervoet bleef hangen aan een straatsteen bij het station, belde ik bij thuiskomst meteen met het revalidatiecentrum. Eerst dacht ik nog het weekend af te wachten – het was vrijdagmiddag maar het kon nog net dus ik besloot toch maar te bellen.

Ik was namelijk lelijk gevallen: schaafwonden aan mijn ellebogen en gezicht en – dat zou blijken – een aantal dagen last van mijn ribben. En een paar maanden daarvoor was ik ook gevallen. Toen weliswaar een stuk minder pijnlijk omdat dat in het bos was en zand gelukkig minder hard aanvoelt dan stenen. Twee keer kort achter elkaar gevallen terwijl het ritme eigenlijk was dat ik het gemiddeld één keer per jaar doe.

Dat heeft te maken met mijn handicap. Een gedeeltelijke halfzijdige verlamming rechts. Ik heb vooral last van mijn rechterarm maar mijn rechterbeen is ook niet helemaal goed en ik draag dan ook orthopedische schoenen, hoewel ik thuis voldoende heb aan pantoffels of slippers.

Toen ik in 2010 was afgestudeerd leek het mij nuttig om weer eens een afspraak te maken met mijn revalidatiearts. Ze liet me wat lopen en bekeek mijn arm. Voor de laatste zou botox goed kunnen helpen. Voor mijn lopen zou een beugel/veer kunnen helpen. Die botox voor mijn rechteram ben ik snel gaan gebruiken maar die beugel zag ik toen niet zo zitten. Ik liep een stuk minder, viel ook een stuk minder dan nu en had ook niet het idee dat ik moeilijk liep.

Maar ik moest na die val aan dat gesprek denken. Inmiddels heb ik een nieuwe revalidatiearts. Ik kon snel terecht. En zij dacht inderdaad aan beugel/veer in de schoen en aan botox. Maar ze wilde eerst een uitgebreid looponderzoek.

Dat uitgebreide looponderzoek was vandaag

Het bestond uit twee delen. Het begon met een korte vragenlijst over wat mijn klachten waren en hoeveel ik liep. Vervolgens mocht ik op een behandeltafel plaatsnemen terwijl een fysiotherapeut allerlei oefeningen met mijn linker- en rechterbeen, en dito voor de voet. Links natuurlijk ter controle. Een greep uit de oefeningen: ik moest kracht zetten met benen en voeten, of juist ontspannen. Handen wegduwen. Benen ontspannen opzij open laten vallen in o-vorm. Of ik met de ogen dicht kon voelen of mijn grote teen naar achteren of naar voren werd geduwd. De fysiotherapeut bestuurde mijn schoenen en steunzolen. En al tijd werden de bevindingen genoteerd door een revalidatiearts. Al met duurde dat bijna een uur.

Videoregistratie

Het tweede deel – zeg maar een klein half uur – bestond uit een videoregistratie van hoe ik loop. Ik krijg zes kleine kastjes op mijn rechterbeen en voelde me bijna een heuse wielrenner want er werd wat beenhaar weggeschoren om die kastjes (10 tot 15 vierkante centimeter en een paar centimeter hoog, al is schatten nooit mijn sterkste punt geweest) aan mijn rechterbeen te laten plakken. Ik moet verschillende keer op en neer lopen van de ene streep of pion naar de andere. Zonder schoenen en met schoenen. De kastjes dienden om spieractiviteit te meten en al die tijd liep de fysiotherapeut mee met rijdende camera die aan de muur was gemonteerd.

Na afloop zeiden ze dat ze het rapport gingen uitwerken, de opnames bestuderen en met mijn revalidatiearts gingen bespreken. Daar zou ik dan over een paar weken vanzelf iets over horen. Ze lieten zich niet uit de tent lokken over wat die mogelijke uitslag zou zijn dus ik zal geduldig af moeten wachten en op blijven letten waar en hoe ik loop.

Wordt vervolgd.

To do week 44

To do lijst op smartphone

Eigenlijk zou hier een verhaal komen te staan over hoe je (slechte) gewoontes afleert maar het is inmiddels 21:50 en die post zou me zeker een uur kosten en dat wordt me te laat. Maar ik wil weer een poging doen elke dag te bloggen dus ik zal iets moeten schrijven. Een kleine vooruitblik op mijn week dus maar.

  • Er komt nog een blog over mijn nieuwe gehoorapparaten, ik had twee verschillende op proef en ik heb inmiddels mijn keuze gemaakt.
  • Er komt een blog over het uitgebreid looponderzoek dat ik deze week krijg om te bepalen om te bepalen of het lopen voor mij gemakkelijker wordt met een veer/beugel en/of botox.
  • Er komen nog twee aanvullingen op mijn serie over gewoontes waarvoor ik vandaag in sneltreinvaart nog eens door Zen habits – Mastering the art of change van Leo Babauta ga. Daarmee rond ik de serie met twintig delen af. Niet omdat ik dan alles gezegd heb wat over het onderwerp te zeggen valt, maar ik denk dat het voor mij voldoende is om weer opnieuw succes aan de slag te kunnen met nieuwe gewoontes en eventueel vervelende gewoontes af te leren.
  • Zondag begint National Novel Writing Month en ook daar wil nog een post aan wijden. Ik ga schrijven over die beperking waarvan ik de afgelopen twintig jaar het meeste last heb gehad maar die ik hopelijk nu onder controle heb. Ik zie het boek als een soort afsluiting.
  • Verder iedere dag wandelen – vandaag op mijn vrije dag lukte het zelfs twee keer een uur.
  • Alle dagen Anki.
  • Alle dagen lezen. Waarschijnlijk na Babauta weer ouderwets op papier want ik heb nog wat boeken van mijn verjaardag liggen.
  • Een paar artikelen voor Biggles News Magazine (af)schrijven.
  • En vier dagen werken als webmaster bij een gereedschapswinkel met webshop.

Ik denk niet dat ik me de komende week verveel.

~~~

Afbeelding van bohed via Pixabay.

Een gewoonte aanleren via Good habits, bad habits van Wendy Wood

Deze blogpost is deel 18 van 20 in de reeks Gewoontes

Van de drie boeken die ik tot nu toe over gewoontes heb gelezen (Zen habits – Mastering the art of change van Leo Babauta, The power of habit van Charles Duhigg en Good habits, bad habits van Wendy Wood) lijkt het boek van Babauta het meest toegankelijk omdat het je dagelijkse doe-opdrachten geeft en als je op die manier met het boek meedoet (of met de posts erover van Peter Pellenaars) creëer je door het dagelijkse lezen op zich al een gewoonte. En je weet elke dag wat je te doen staat, je moet ergens aan denken voor, tijdens of na het uitvoeren van je gewoonte. Je wordt bij de hand genomen en dat werkt prima.

Toch was ik ook benieuwd naar beide andere boeken en ze stelden me zeker niet teleur. Ze geven meer achtergronden, geven duidelijker aan waarop ze gebaseerd zijn. Babauta heeft het erover dat alles in zijn boek gestolen is, maar doet verder niet aan bronvermelding. Dat doen Wood en Duhigg wel en daardoor is het gemakkelijk om iets na te zoeken of te zien waar het vandaan komt. Het boek van Babauta lijkt gebaseerd te zijn op zijn eigen ervaringen en die van zijn cliënten; Wood en Duhigg hebben achter in hun boeken een duidelijk notenapparaat en geven ook in de lopende tekst steeds duidelijk aan op welke praktijksituatie of studie datgene wat ze op dat moment beweren, is gebaseerd. Dat vind ik een duidelijke pre van Duhigg en Wood. Beide boeken nemen je minder bij de hand dan Babauta dat doet, maar het is zeker niet heel moeilijk om te achterhalen hoe je een gewoonte aan- of afleert. In The power of habit staan veel schema’s die je de weg wijzen. Die schema’s ontbreken in het boek van Wood. Beide boeken sluiten echter af met een praktische epiloog waarin ze hun theorie toepassen op het afleren van (slechte) gewoontes. Morgen komt dat van Good habits, bad habits aan de orde. Hieronder eerst een samenvatting van hoe je volgens Wood een nieuwe gewoonte aanleert.

Een nieuwe gewoonte aanleren volgens Good habits, bad habits van Wendy Wood

Een gewoonte bevat volgens Wood drie onderdelen:

  1. Context: wil je een gewoonte aanleren dan is het handig om voor stabiele contexten te zorgen. Denk aan een vast tijdstip, meteen als je thuiskomt na, of klaar bent met je werk. Of koppel het aan een al bestaande vaste gewoonte (ruim veertig procent van je dagelijkse bezigheden bestaan uit gewoontes). Maar je kunt ook denken een rustige ruimte waar je minder last hebt van afleiding.
  2. Herhaling. Uiteindelijk wordt iets pas een gewoonte als je het vaker doet. Je kunt herhaling makkelijker maken door bijvoorbeeld reminders (fysiek of digitaal) te gebruiken. Wandelschoenen bij de voordeur. Denk ook aan klein beginnen en langzaam uitbouwen. Bij hardlopen moet je bijvoorbeeld conditie opbouwen. Je kunt ook factoren in kaart brengen die je tegenhouden en proberen daar een oplossing voor te vinden. Stress kan een hele vervelende zijn, zagen we gisteren. Uiteraard kun je ook de factoren die je nieuw gewenste gedrag aanmoedigen in kaart brengen. Wat maakt het jou makkelijk om de gewoonte vaker te doen? Een brainstorm en deze vervolgens toepassen kan helpen.
  3. Beloning. Uiteraard kun je jezelf na het uitvoeren van je nieuwe gewoonte ergens op trakteren (of elke succesvolle week/maand) maar vergeet niet dat je pas echt slaagt als je nieuwe gewoonte zelf de beloning wordt. Dan krijg je je dopamineshot eerder en is het meer gekoppeld aan je gewoonte en ga je steeds meer naar je nieuwe gewoonte verlangen. En dat is dan weer de motor om het vol te houden. Uiteindelijk wordt de dopamine steeds kleiner maar een gewoonte kan volgens Wendy Wood prima drijven op beloningen uit het verleden.

Pas je deze drie elementen consistent toe en blijf je dat volhouden dan heb je goede kans dat je nieuwe gewoonte in slijt. Het is echter niet te zeggen na hoeveel dagen dat het geval zal zijn. Er zijn diverse studies met verschillende gewoontes die andere getallen opleveren. Zelf vond ik een onderzoek naar het doneren van bloed wel mooi. Het bleek dat na ongeveer veertig keer doneren, je er zeker van kon zijn dat donoren bleven komen. Dit onderzoek toont meteen aan dat je een gewoonte niet elke dag hoeft uit te voeren om er een gewoonte van te kunnen maken. En zelfs een dagelijkse gewoonte kun je tijdelijk onderbreken en daarna weer makkelijk oppakken, zoals ik zelf ook merkte met mijn Anki-gewoonte.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg en Good habits, bad habits van Wendy Wood.

~~~

Afbeelding van Valiphotos via Pixabay